Vervuilde woning betreden als hulpverlener: risico’s en eerste stappen

Als hulpverlener, wijkteammedewerker, bewindvoerder, verhuurder of medewerker van een woningcorporatie kunt u te maken krijgen met een vervuilde woning. Soms gaat het om rommel of achterstallig onderhoud. Soms om ernstige vervuiling, afval, urine, ontlasting, schimmel, ongedierte, stank of hoarding.

Een vervuilde woning binnengaan lijkt eenvoudig. Toch kunnen de risico’s groot zijn. Veel gevaren zijn niet direct zichtbaar. Denk aan stof, schimmel, vlooien, bedwantsen, kakkerlakken, muizen, ratten, glas, naalden, open elektra, brandgevaar en instabiele stapels afval.

Bij grote hoeveelheden nat en rottend afval kunnen plaatselijk gassen of dampen ontstaan. Denk aan kooldioxide, methaan, waterstofsulfide, ammoniak en zwavelachtige verbindingen. Ook kunnen vluchtige stoffen vrijkomen uit schoonmaakmiddelen, verf, brandstoffen of andere producten tussen het afval.

Een zwaar vervuilde woning is soms net een vuilnisbelt. Bij afvalbergen tot het plafond, slechte ventilatie en langdurige rotting kunnen gevaarlijke omstandigheden ontstaan.

Stap daarom niet op routine naar binnen. Kijk eerst. Ruik. Meet waar nodig. Beoordeel de situatie. Bepaal daarna pas of betreden verantwoord is.

 

vervuilde woning afvalbergen en rotting

Ga niet zomaar naar binnen

Bij een vervuilde woning begint de beoordeling al vóór de voordeur. Let op geur in het portiek, vliegen, vlooien, afval bij de ingang, vochtplekken, schimmelgeur, een volle brievenbus of geblokkeerde toegang.

Kijk ook naar dierlijke vervuiling. Denk aan haren, kattenbakken, uitwerpselen, krabsporen of voerresten. Let daarnaast op slecht begaanbare routes, zichtbare stapels spullen en tekenen dat de woning al langere tijd niet normaal wordt gebruikt.

Ga niet automatisch mee naar binnen omdat de bewoner dat vraagt. Doe dat ook niet omdat u “even snel” iets wilt controleren.

Bij zware vervuiling of hoarding is het veiliger om eerst vanaf de ingang te beoordelen. Blijf buiten bij sterke stank, zichtbare schimmel, springend ongedierte, veel afval, instabiele stapels spullen of afval. Let daarnaast op agressie, verward gedrag, gaslucht of mogelijk brandgevaar. Blijf ook buiten als u het risico niet goed kunt inschatten of uw het niet vertrouwt.  Een vervuilde woning betreden kan risico´s met zich meebrengen. Het is geen kwestie van doorzetten. Het gaat om veilig en verantwoord handelen.

Risico’s zoals stof, afval en geblokkeerde looproutes in een vervuilde woning

Let op: koolmonoxide is niet altijd vooraf zichtbaar

Bij een vervuilde woning of hoardingwoning is het verstandig om extra rekening te houden met achterstallig onderhoud aan installaties. Dat ziet u niet altijd vanaf de voordeur. Een bewoner die zichzelf en de woning verwaarloost, kan ook het onderhoud aan de cv-ketel, geiser, gaskachel, rookgasafvoer, ventilatie of koolmonoxidemelder jarenlang hebben laten liggen.

Koolmonoxide ruikt u niet, proeft u niet en ziet u niet. Wacht daarom niet tot u binnen een slecht onderhouden cv-ketel ziet. Neem bij ernstige vervuiling standaard een geschikte gasdetector mee en meet vóórdat u verder de woning ingaat.

Wanneer gaat u niet naar binnen of stopt u direct?

Soms is buiten blijven de veiligste keuze. Ga niet naar binnen wanneer de situatie niet veilig kan worden beoordeeld. Stop ook direct wanneer tijdens het bezoek nieuwe risico’s zichtbaar worden.

Doe dat bijvoorbeeld bij onbekende chemische stoffen, drugsafval, naalden, asbestverdacht materiaal, instortingsgevaar, extreme stank of dampvorming. Stop ook bij onvoldoende PBM’s, onvoldoende ventilatie, direct contact met bloed of lichaamsvloeistoffen, of wanneer iemand zich onveilig voelt.

Ga in zulke situaties terug naar een veilige plek. Beoordeel daarna wat nodig is. Soms kan meten, ventileren of betere bescherming voldoende zijn. Soms is een deskundige partij nodig.

Bij twijfel geldt: niet verder naar binnen. Eerst duidelijk krijgen wat het risico is.

Gebruik PBM’s voordat u de woning betreedt

Wie een vervuilde woning betreedt, kan in contact komen met stof, schimmel, urine, ontlasting, dierlijke vervuiling, vlooien, mijten, scherpe voorwerpen of onbekende vervuiling. Ook bij een korte inspectie kunnen kleding, schoenen of spullen vervuild raken.

Draag bij voorkeur handschoenen, overschoenen of goed reinigbare laarzen. Gebruik een FFP3-masker bij stof, schimmel of sterke vervuiling. Bij ernstige vervuiling is een wegwerpoverall vaak verstandig.

Bij zwaardere vervuiling gaat u bij voorkeur niet naar binnen. Wilt u toch naar binnen gaan, dan is betere bescherming verstandig. Denk aan een wegwerpoverall type 5/6, nitril handschoenen, snijbestendige onderhandschoenen, veiligheidsschoenen of laarzen en een veiligheidsbril of gelaatsscherm.

Een FFP3-masker helpt tegen stof, schimmelsporen en andere deeltjes. Het beschermt niet tegen koolmonoxide, zuurstoftekort, brandbare gassen of chemische dampen.

Neem zo weinig mogelijk persoonlijke spullen mee naar binnen. Zet geen tas op de vloer. Hang geen jas over een stoel. Leg geen telefoon, papieren of gereedschap op bedden, banken of textiel.

Trek gebruikte PBM’s buiten uit. Keer de binnenzijde naar buiten en trek eerst het beschermende pak of de werkkleding uit. Trek daarna de overschoenen uit en trek als laatste de handschoenen uit. Stop wegwerpmateriaal direct in een afgesloten zak. Reinig herbruikbare PBM’s na afloop. Voorkom dat vuil, stof of ongedierte wordt meegenomen naar auto, kantoor of woning.

Neem standaard een gasdetector of gasmeter mee

Bij een ernstig vervuilde woning is het verstandig om standaard een geschikte gasdetector of gasmeter mee te nemen. De kans op gevaarlijke gassen is niet in elke woning groot. Maar bij extreme vervuiling, hoarding en zelfverwaarlozing is het risico groter dan in een normale woonsituatie.

Dat komt niet alleen door slecht onderhouden installaties. Ook rottingsgassen kunnen in zeldzame situaties voorkomen, bijvoorbeeld wanneer afvalbergen met rottend afval tot aan het plafond zijn opgestapeld. In dergelijke omstandigheden kunnen gevaarlijke concentraties ontstaan. Er zijn daadwerkelijk mensen overleden in woningen met zulke extreme verzamel- en vervuilingssituaties.

Ook onderhoud aan installaties kan jarenlang zijn blijven liggen. Denk aan een cv-ketel, geiser, gaskachel, gasslang, gasfles, brander of geïmproviseerde warmtebron. Slechte ventilatie kan het risico verder vergroten.

Gebruik de gasdetector voordat u verder de woning ingaat. Blijf ook tijdens het bezoek alert op meldingen of klachten. Geeft het apparaat alarm of krijgt iemand klachten zoals hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid, sufheid of benauwdheid? Stop dan direct met het bezoek, ga naar een veilige plek en laat de situatie opnieuw beoordelen.

Let goed op welk apparaat u gebruikt. Niet elke meter meet hetzelfde. Een detector voor brandbare gassen is niet automatisch een koolmonoxidemeter. Een standaardmeter meet ook niet altijd ammoniak of vluchtige organische stoffen.

Bij ernstige vervuiling is een meter wenselijk die minimaal zuurstof, explosiegevaar, koolmonoxide en waterstofsulfide kan meten. Bij chemische geur, onbekende vloeistoffen of prikkeling van ogen en luchtwegen is aanvullende beoordeling nodig.

Mogelijke rottingsgassen afzuigen met een mobiele ventilator met luchtslang

Let op rioolgassen, rottingsgassen en chemische dampen

Let niet alleen op rottend afval. Ook rioolgassen kunnen een risico vormen. Dat kan bijvoorbeeld spelen bij een ontbrekend waterslot, een kapotte of ontbrekende toiletpot, een open afvoer, lekkage of langdurig niet-gebruikte sanitaire voorzieningen.

Bij rioollucht, sterke stank of klachten zoals hoofdpijn, misselijkheid, duizeligheid of benauwdheid gaat u niet naar binnen. Stop het bezoek en blijf op een veilige plek.

Wees ook voorzichtig met onbekende vloeistoffen, jerrycans, oude schoonmaakmiddelen, verf, terpentine, benzine, bestrijdingsmiddelen of andere chemische producten. Open geen verpakkingen waarvan u de inhoud niet kent. Meng ook nooit schoonmaakmiddelen.

Mensen die hun huis verwaarlozen, vergeten vaak ook onderhoud

Een vervuilde woning staat zelden op zichzelf. Mensen die hun woning verwaarlozen, verwaarlozen soms ook andere zaken, zoals onderhoud van de cv-ketel, ventilatie, elektra, rookmelders, sanitair, keuken of schoorsteen.

Dat is niet altijd onwil. Er kan sprake zijn van schaamte, psychische problemen, verlies, overbelasting, lichamelijke beperkingen, verslaving, cognitieve problemen of hoarding, waardoor de bewoner de situatie zelf niet meer kan overzien.

Voor hulpverleners is dit belangrijk: kijk niet alleen naar afval of spullen, maar ook naar installaties, ventilatie, elektra en brandveiligheid. Let bijvoorbeeld op een oude cv-ketel, een geiser in een slecht geventileerde ruimte, beslagen ramen, vochtplekken, losse stroomdraden, niet-werkende rookmelders, een volgestopte meterkast of gasflessen in huis.

Beslagen ramen kunnen wijzen op slechte ventilatie of vochtproblemen. In combinatie met een slecht onderhouden cv-ketel, geiser, gaskachel of rookgasafvoer kunnen ze ook een teken zijn van mogelijke koolmonoxideproblemen. Ze zijn geen bewijs dat er koolmonoxide aanwezig is, maar vormen vóór het binnengaan wel een reden om extra alert te zijn. Ga bij twijfel niet naar binnen en laat de situatie eerst door een deskundige beoordelen.

Dit onderwerp raakt aan een bredere vraag: hoe iemand eigenlijk in een vervuild huis terechtkomt en blijft leven. In de uitleg over hoe iemand in een vervuild huis kan leven gaan we dieper in op mogelijke oorzaken, zoals psychische problemen, schaamte, verlies, overbelasting, verslaving, lichamelijke beperkingen, cognitieve problemen of hoarding. Door daar oog voor te hebben, ontstaat meer begrip voor de situatie en kan passende hulp beter op gang komen.

Herkent u dit soort achterstallig onderhoud in combinatie met een woning die eigenlijk niet meer normaal te gebruiken is? Dan is de woning laten ontruimen vaak een noodzakelijke eerste stap, voordat installaties, elektra of sanitair goed beoordeeld en waar nodig hersteld kunnen worden.

Let op koolmonoxide, gas en slechte ventilatie

Koolmonoxide is gevaarlijk omdat u het niet kunt ruiken of zien. Dat maakt het risico verraderlijk. Een woning kan er “alleen vervuild” uitzien, terwijl er ook een probleem is met ventilatie of verbranding.

Wees extra alert bij een cv-ketel, geiser, gaskachel, houtkachel, petroleumkachel, campingbrander of barbecue. Een barbecue of kolenbrander in huis is levensgevaarlijk door koolmonoxide.

Let ook op losse gasflessen, poreuze gasslangen, beschadigde slangen of gasflessen zonder goede drukverdeler. In vervuilde woningen kunnen ook campinggasflessen of oude brandbare vloeistoffen aanwezig zijn.

Ga bij twijfel niet verder de woning in. Meet eerst. Schakel deskundige hulp in wanneer het risico niet veilig kan worden beoordeeld.

Blijf buiten bij extreme vervuiling of ongedierte

Sommige woningen moet u als hulpverlener niet zelf betreden. Dat geldt vooral bij extreme vervuiling, springende vlooien, veel ongedierte, grote hoeveelheden afval, rottend voedsel, urine, ontlasting, dode dieren of sterke stank.

Ook instabiele stapels zijn een risico. Onder afval kunnen scherpe voorwerpen liggen. Denk aan glas, naalden, metaal, vocht, schimmel, dierenuitwerpselen of rottend materiaal.

Stapels kunnen verschuiven. Looproutes kunnen geblokkeerd zijn. Vloeren kunnen glad, nat of verend zijn.

Blijf bij twijfel buiten. Vraag eerst advies of schakel gespecialiseerde hulp in.

Let op vlooien, bedwantsen en ander ongedierte

Bij zwaar vervuilde woningen, hoardingwoningen of woningen waar huisdieren zijn geweest, kan ongedierte aanwezig zijn. Denk aan vlooien, bedwantsen, kakkerlakken, vliegen, maden, muizen, ratten, vogelmijten, knaagdiermijten, zilvervisjes of andere insecten.

Soms ziet u ongedierte direct. Vaak merkt u het pas wanneer u de woning betreedt of spullen verplaatst.

Vlooien verdienen extra aandacht. Ze kunnen aanwezig zijn in woningen waar huisdieren hebben geleefd. Ook als die dieren inmiddels weg zijn. Volwassen vlooien kunnen op schoenen, sokken of broekspijpen springen en zo worden meegenomen.

Bedwantsen werken anders. Bedwantsen zijn niet besmettelijk zoals een infectieziekte. Mensen dragen bedwantsen normaal niet op het lichaam mee. Het risico zit vooral in meeliften via spullen, kleding, tassen, koffers, laptops, meubels, matrassen, beddengoed en textiel.

Ga in een vervuilde woning of een hoarderwoning niet op bedden of banken zitten. Zet geen tas of jas op de vloer. Verplaats niet zomaar matrassen, kledingzakken of beddengoed. 

Wanneer u naar binnen gaat: houd vluchtwegen vrij

Wanneer u na de eerste beoordeling toch naar binnen gaat, houdt u altijd uw vluchtweg vrij. Ga niet dieper de woning in dan nodig is. Zorg dat u snel weer naar buiten kunt.

Let op of de voordeur bereikbaar blijft. Kijk of trappen veilig zijn. Controleer of er voldoende licht is. Bepaal of u zonder struikelen terug kunt.

Bij hoarding kunnen gangen, trappen en kamers deels geblokkeerd zijn. Als u zich tussen spullen moet wringen, is dat een waarschuwing. Als u over afval moet stappen, is verder betreden vaak niet verantwoord.

Ga bij ernstige vervuiling niet alleen naar binnen. Zorg dat een collega weet waar u bent. Houd uw telefoon bereikbaar. Spreek vooraf af wie de regie heeft als de situatie onveilig blijkt.

Maak brandgevaar concreet

Brandgevaar in een vervuilde woning ontstaat niet alleen door “rommel”. Het gaat vooral om de combinatie van brandbaar materiaal, ontstekingsbronnen en beperkte vluchtmogelijkheden.

Let op grote hoeveelheden papier, karton, hout, kleding, kunststof, meubels of ander brandbaar materiaal. Let ook op uitpuilende asbakken, kaarsen, houtkachels, olielampen, losse verwarmingsbronnen en warme apparaten tussen spullen.

Ook elektra vraagt aandacht. Denk aan stekkerdozen, verlengsnoeren, losse stroomdraden, open wandcontactdozen, vocht, lekkage of een volgestopte meterkast.

Bij een volgepakte woning kan de brandweer de woning moeilijker betreden. Wanneer gangen, entree, overloop of trappen niet vrij begaanbaar zijn, is dat ee

Let ook op bouwkundige risico’s

Een vervuilde woning kan bouwkundig onveilig zijn. Denk aan vocht, grote schimmelvorming, open elektra, scheuren in muren, verende houten vloeren, slecht sluitende ramen en deuren, ontbrekend sanitair of een cv-ketel die al jaren niet is gecontroleerd.

Bij hoarding of extreme opslag kan er veel gewicht op vloeren staan. Boeken, dozen, papier, kranten, meubels en nat afval kunnen samen zwaar worden. Dat kan vooral een probleem zijn bij houten vloeren, oudere woningen of verdiepingen.

Waterlekkage kan houtrot veroorzaken. Ook aantasting door houtworm of boktor kan bij oudere of slecht onderhouden panden meespelen.

Wanneer vloeren veren, stapels instabiel zijn of er zichtbare bouwkundige gebreken zijn, gaat u niet verder naar binnen zonder beoordeling door de juiste deskundige partij.

Raak spullen niet zomaar aan

In een vervuilde woning is niet altijd zichtbaar waar u mee te maken heeft. Een matras kan vervuild zijn met urine of bloed. Onder afval kunnen glas, naalden, vocht, schimmel, insecten of dierenuitwerpselen liggen. In zakken, dozen of kleding kunnen scherpe voorwerpen, bedorven voedsel, ongedierte of onbekende stoffen zitten.

Raak daarom geen spullen of vervuiling met blote handen aan. Verplaats ook niet zomaar matrassen, tapijten, kledingzakken, afvalzakken, meubels of dozen. Zeker niet wanneer u niet weet wat erin, eronder of erachter zit.

Bij urine, ontlasting, braaksel, bloed, lichaamsvloeistoffen en dierlijke vervuiling kunnen biologische risico’s spelen. Denk aan bacteriën, virussen, schimmels, parasieten en allergenen. Ook ammoniakdampen uit urine, schimmelsporen en stofdeeltjes kunnen klachten geven aan ogen, luchtwegen en huid.

Wees ook voorzichtig met onbekende vloeistoffen, oude schoonmaakmiddelen, verf, jerrycans, bestrijdingsmiddelen of chemische resten. Open geen verpakkingen waarvan u de inhoud niet kent. Meng geen middelen en begin niet zomaar met schoonmaken.

Gebruik passende PBM’s en bepaal vooraf wat veilig kan worden aangeraakt, verplaatst of afgevoerd. Bij ernstige biologische vervuiling, onbekende stoffen, scherpe voorwerpen of sterke geur is eerst een duidelijke werkwijze nodig.

Wanneer een woning vol staat met afval, vervuilde inboedel en geblokkeerde looproutes, komt de vervuilde woning ontruimen vaak vóór schoonmaken. Eerst moet er ruimte en overzicht ontstaan. Daarna kan pas goed worden beoordeeld welke reiniging, desinfectie of geurbehandeling nodig is.

Pas op voor scherpe voorwerpen, naalden en drugsafval

Ga er bij ernstige vervuiling niet van uit dat de vloer veilig is. Tussen afval of onder spullen kunnen glasscherven, messen, metaal, injectienaalden of drugsafval liggen.

Gebruik daarom stevige schoenen of laarzen. Raak onbekend materiaal niet met blote handen aan.

Bij hoarding of ernstige vervuiling: ga niet zelf ontruimen

Een hoardingwoning of ernstig vervuilde woning is geen gewone opruimklus. Als hulpverlener is het niet verstandig om zelf te beginnen met opruimen, verplaatsen of weggooien. Ook niet om “even een pad vrij te maken”.

De risico’s zijn vaak groter dan aan de buitenkant zichtbaar is. Onder afval, dozen of kleding kunnen glas, naalden, vocht, schimmel, uitwerpselen, dode dieren, insecten of onbekende stoffen liggen. Stapels kunnen verschuiven. Vloeren kunnen glad, zwak of overbelast zijn. Ook stank, rottend afval, rioollucht, ongedierte en achterstallig onderhoud kunnen de situatie onveilig maken.

Hulp bij een vervuild huis of hoarderwoning is verstandig gezien alle mogelijke risico’s. 

Beoordeel en communiceer professioneel

Bij een vervuilde woning is het verstandig om niet alleen op gevoel te handelen. Breng in kaart wat u ziet, ruikt en merkt.

Is er sprake van vervuiling, verzameldrang, geur, ongedierte, brandgevaar, schimmel of geblokkeerde looproutes? Is de woning nog bewoonbaar? Kunt u er veilig werken?

Voor hulpverleners bestaan hulpmiddelen zoals de Clutter Image Rating Scale en screeningsinstrumenten voor woonhygiënische problematiek. Die kunnen helpen om de ernst van de situatie beter te bespreken.

Benoem wat u ziet zonder oordeel. Zeg niet dat iemand “vies leeft”. Zeg liever dat de looproute geblokkeerd is. Of dat er sterke geur is. Of dat zorg, onderhoud of bezoek niet veilig kan plaatsvinden.

Blijf ook niet te lang alleen met een vervuilde woning zitten. Overleg met collega’s, een aandachtsfunctionaris, GGD, GGZ, gemeente, woningcorporatie, verhuurder of andere betrokken professionals.

Bij acute onveiligheid, brandgevaar, agressie, koolmonoxideverdenking of instortingsgevaar is directe actie nodig. Breng uzelf niet in gevaar.

Wanneer wordt ontruimen de eerste stap?

Ontruimen wordt vaak de eerste stap wanneer een woning niet meer veilig begaanbaar is. 

Bij een vervuilde woning is ontruimen niet hetzelfde als “alles weggooien”. Er moet worden gekeken naar veiligheid, persoonlijke spullen, documenten, waardevolle bezittingen, afvoer, bewaarafspraken en de volgorde van werkzaamheden.

Zeker bij hoarding moet zorgvuldig worden afgestemd wat weg kan. Ook moet duidelijk zijn wat bewaard moet blijven en wie daarover mag beslissen.

Margron helpt bij het zorgvuldig en discreet ontruimen van vervuilde woningen en hoardingwoningen. Daarbij kijken we naar de situatie in de woning, de mate van vervuiling, de bereikbaarheid, de afvoer van spullen en de vraag of daarna specialistische schoonmaak nodig is.

Wanneer is schoonmaken nodig na de ontruiming?

Na het leeghalen van een vervuilde woning kan vervuiling achterblijven. Denk aan urine, ontlasting, schimmel, nicotine, bloed, stank of vervuiling in vloeren, wanden, meubels en sanitair.

In dat geval stopt het werk niet altijd bij ontruimen. Eerst ontstaat er ruimte en overzicht. Daarna wordt duidelijk of normale reiniging voldoende is, of dat vervuilde woning schoonmaken als aparte vervolgstap nodig is.

Specialistische schoonmaak is vooral belangrijk bij biologische vervuiling, hardnekkige geur, schimmel of vervuiling die in materialen is getrokken. Denk aan urine in vloeren, ontlasting in sanitaire ruimtes, schimmel op wanden of stank die na het leeghalen aanwezig blijft.

Vervuilde woning veilig laten ontruimen?

Margron helpt bij het zorgvuldig en discreet ontruimen van vervuilde woningen en hoardingwoningen. We kijken naar veiligheid, afvoer, bewaarafspraken en de vraag of daarna specialistische schoonmaak nodig is.

Twijfelt u of een woning veilig betreden kan worden? Neem dan contact op om de situatie te bespreken. Vaak geven foto’s of een korte beschrijving al voldoende houvast voor een eerste inschatting.

 

Veelgestelde vragen

 

Welke PBM’s zijn verstandig bij een vervuilde woning?

Denk aan handschoenen, overschoenen of goed reinigbare laarzen, een FFP3-masker en bij ernstige vervuiling een wegwerpoverall.

Is een gasdetector verstandig bij een vervuilde woning?

Ja. Bij ernstige vervuiling of hoarding is het verstandig om een geschikte gasdetector mee te nemen. Achterstallig onderhoud aan een cv-ketel, geiser, gasslangen, elektra of ventilatie kan leiden tot gaslekken, koolmonoxidevorming, brandgevaar of onvoldoende ventilatie. Let erop dat niet elk apparaat dezelfde gassen meet. Daarna komen de risico’s van stapels afval: onder rottend afval kunnen zich rottingsgassen vormen. Ga in extreme situaties liever niet naar binnen.

Welke gassen kunnen ontstaan bij rottend afval in een woning?

Bij grote hoeveelheden nat en rottend organisch afval kunnen plaatselijk gassen en dampen ontstaan. Denk aan kooldioxide, methaan, waterstofsulfide, ammoniak en zwavelachtige verbindingen. Ook kunnen vluchtige stoffen vrijkomen uit producten die tussen het afval liggen. Een woning is geen vuilnisbelt, maar bij afvalbergen tot het plafond en slechte ventilatie kunnen gevaarlijke omstandigheden ontstaan.

Wat doet u bij rioollucht of sterke stank?

Ga niet verder naar binnen. Stop het bezoek, schakel professionele hulp in

Kunnen bedwantsen meeliften met hulpverleners?

. Mensen dragen bedwantsen normaal niet op het lichaam mee. Ze kunnen wel meeliften via spullen, kleding, tassen, koffers, laptops en andere spullen die u meeneemt.

Wanneer moet een vervuilde woning worden ontruimd?

Ontruiming is verstandig wanneer de woning niet meer veilig begaanbaar is. Dat kan komen door afval, vervuilde inboedel, geblokkeerde looproutes, stank, ongedierte, brandgevaar of hoarding. Na de ontruiming kan beter worden beoordeeld welke schoonmaak of herstelwerkzaamheden nodig zijn.

Bronnen

  • GGD Groningen, Openbare Geestelijke Gezondheidszorg. Protocol problematische woonhygiëne provincie Groningen. September 2024.
  • Gemeente Amsterdam. Handboek Amsterdamse Aanpak Ernstige Woningvervuiling.
  • Handreiking Vervuilde Huishoudens – Samenvattingskaart en gesprekstips voor professionals.
  • Morein-Zamir, S. & Ahluwalia, S. (2023). Hoarding disorder: evidence and best practice in primary care. British Journal of General Practice.
  • RIVM. Bedwantsen.
  • GGD Leefomgeving. Bedwantsen.
  • CDC. Preventing Fleas.
  • University of Maryland Extension. Fleas.
  • EPA. Basic Information about Landfill Gas.
  • EPA. Protecting Your Home from Bed Bugs.

 

Vragen?

Bel of mail onze ontruimingsexpert Ron Slaats.